DEEL IV · DE GEMEENTE IN HET NIEUWE TESTAMENT
21Doop, bekering en behoren bij de gemeente
Doop staat niet los van leerling-zijn, Gods genade en werkelijk ontvangen worden in een gemeenschap.
Aan het einde van Matteüs verbindt Jezus leerlingmaking met dopen en leren gehoorzamen. De doop is geen opzichzelfstaand ritueel, maar een zichtbaar begin van een leven onder de Naam van Vader, Zoon en Geest.
Geen mechanisch stappenplan
Handelingen vertelt verschillende volgordes. In Samaria volgt zichtbare Geestesontvangst na waterdoop; bij Cornelius valt de Geest ervoor. God laat Zich niet door één ervaringsschema beheersen.
Persoonlijk geloof en kinderen
Doop na persoonlijk geloof heeft de meest directe zendingsvoorbeelden. Kinderdoop rust op bredere lijnen van verbond, kinderen en huishoudens. Beide visies moeten eerlijk aangeven waar de tekst rechtstreeks spreekt en waar zij gevolgtrekkingen maken.
Formeel en relationeel behoren
Een ledenlijst kan zorg en verantwoordelijkheid verduidelijken, maar vervangt geloof, doop en gedeeld leven niet. Iemand kan formeel geregistreerd en relationeel onbekend zijn—of intens meeleven zonder heldere wederzijdse verantwoordelijkheid.